Over extremisme en burgerlijke ongehoorzaamheid

Zonder al te veel publieke aandacht heeft de AIVD kort geleden de door hen gehanteerde definitie van extremisme veranderd. De definitie die momenteel door de veiligheidsdienst wordt gehanteerd luidt:

“Extremisme is het fenomeen waarbij personen of groepen bewust over de grenzen van de wet gaan en illegale acties plegen om zo hun doel te bereiken”[1]

 

Deze nieuwe definitie is niet in overeenstemming met wetenschappelijke definities van extremisme (vergelijk b.v. Buijs en Demant: “Extremisme wordt gezien als al die uiteenlopende opvattingen en gedragingen die gekenmerkt worden door de afwijzing van de democratische constitutionele staat, democratische procedures en waarden“) of in het buitenland gebezigde definities. Zo maakt de Duitse Bundesverfassungsschutz duidelijk onderscheid tussen radicalisme en extremisme en ziet het kenmerk van extremisme in, het streven om de democratie en de democratische principes en waarden af te willen schaffen[2].

 

Gezien het actuele maatschappelijke klimaat in Nederland, waar rechtspopulisme hoogtij viert en de rechten van het individu in het kader van maatregels tegen terrorisme steeds meer worden beperkt, is de nieuwe definitie van de AIVD zorgwekkend.

Een gevolg van deze nieuwe definitie is immers dat burgerlijke ongehoorzaamheid in Nederland voortaan uit den boze is. Groepen of individuen, die het oneens zijn met standpunten van de regering en daarom bewust kiezen voor wetovertreding, zullen door de AIVD als extremisten worden geclassificeerd.

 

Hierbij kunt u bijvoorbeeld denken aan illegalen, die toch voor een verblijf in Nederland kiezen, of vrouwen, die toch een boerka blijven dragen.

In het verleden hebben naast Henry David Thoreau onder andere Martin Luther King, Mahatma Gandhi en Nelson Mandela bewezen, dat democratieën hun voordeel kunnen doen met burgerlijke ongehoorzaamheid.


Anno 2011 moet Nederland zich afvragen of het – met het in acht nemen van geweldloosheid - immoreel is om de overheid tegen te werken of niet te steunen, zonder de overheid actief te bevechten. En zo nee, wat ons de burgerlijke ongehoorzaamheid waard is.

Gezien de gevaren die in de nieuwe definitie van extremisme schuilen, hoop ik dat Nederland zich bezint op het ware karakter van de democratie en al dan niet met burgerlijke ongehoorzaamheid reageert op deze zet van de veiligheidsdienst. Toen de nazi’s in ‘33 de concentratiekampen begonnen te vullen, deden ze dat immers voor een groot deel op grond van geldige wetgeving. Hierbij ging het om maatregelen die in het kader van de terroristische bedreiging door communisten (-> Reichstagsbrand) werden genomen.


Sara Grunenberg 17/12/2010

 



[1] https://www.aivd.nl/onderwerpen/extremisme_0

[2] „Die Verfassungsschutzbehörden unterscheiden zwischen „Extremismus“ und „Radikalismus“, obwohl beide Begriffe oft synonym gebraucht werden. Bei „Radikalismus“ handelt es sich zwar auch um eine überspitzte, zum Extremen neigende Denk- und Handlungsweise, die gesellschaftliche Probleme und Konflikte bereits „von der Wurzel (lat. radix) her“ anpacken will. Im Unterschied zum „Extremismus“ sollen jedoch weder der demokratische Verfassungsstaat noch die damit verbundenen Grundprinzipien unserer Verfassungsordnung beseitigt werden. So sind z. B. Kapitalismuskritiker, die grundsätzliche Zweifel an der Struktur unserer Wirtschafts- und Gesellschaftsordnung äußern und sie von Grund auf verändern wollen, noch keine Extremisten. Radikale politische Auffassungen haben in unserer pluralistischen Gesellschaftsordnung ihren legitimen Platz. Auch wer seine radikalen Zielvorstellungen realisieren will, muss nicht befürchten, dass er vom Verfassungsschutz beobachtet wird, jedenfalls nicht, so lange er die Grundprinzipien unserer Verfassungsordnung anerkennt. Als extremistisch werden dagegen die Aktivitäten bezeichnet, die darauf abzielen, die Grundwerte der freiheitlichen Demokratie zu beseitigen.“

 

  • Zoeken

Naar boven